In mijn vorige artikel gaf ik je mijn beste pensioentip. Heb je die nog niet gedaan?
Lees hem hier en kom in actie!
In dit artikel licht ik het Nederlandse pensioenstelsel toe. Voordat ik daar induik: Deze artikelen zijn bedoeld ter educatie en ter informatie. Ik geef geen financieel advies. Alle keuzes die jij maakt rondom je eigen geld, beleggingen en pensioenopbouw, vallen onder je eigen verantwoordelijkheid.
Dit is een stuk belangrijke basiskennis voor iedereen die een potje voor de oude dag wil opbouwen. De komende weken duiken we in: wat de manieren zijn voor ondernemers om pensioen op te bouwen, de diverse pensioenbeleggingsaanbiedersen tot slot duiken we in de vraag: Hoeveel moet je eigenlijk opzij zetten?
Het Nederlandse Pensioenstelsel:
In Nederland kun je op verschillende manieren pensioen opbouwen. Om goed uit te leggen welke mogelijkheden er zijn, en om je het totaalplaatje te geven, leg ik kort het pijlerstelsel aan je uit. Het Nederlandse pensioenstelsel bestaat uit 3 pijlers.

1e pijler: AOW
Iedereen die in Nederland woont of werkt bouwt AOW (Algemene Ouderdomswet) op. Heb je de 50 jaar voorafgaand aan je AOW-leeftijd in Nederland gewoond? Dan heb je recht op volledige AOW. Niemand weet hoe de AOW er over 20, 30 of 40 jaar uitziet, maar als je nu AOW zou krijgen is dat ongeveer € 1.000 per persoon per maand (als je een partner hebt) of € 1.500 als je alleenstaand bent.
2e pijler: Pensioen
Vrijwel iedereen die in loondienst heeft gewerkt, heeft pensioen opgebouwd. Op mijnpensioenoverzicht.nl staat hoeveel je hebt opgebouwd.
3e pijler: Lijfrenteproducten
Omdat AOW en Pensioen in heel veel gevallen niet voldoende opleveren om te genieten van de oude dag, is er nog een derde manier om te sparen voor later. De overkoepelende term is: Lijfrente.
Lijfrente kent een aantal grote verschillen en voordelen ten opzichte van ‘gewoon’ sparen:
– Lijfrente is niet vrij opneembaar
Een belangrijk verschil tussen lijfrente en een gewone spaarrekening is dat lijfrente niet vrij opneembaar is. Als je geld in een lijfrenteproduct (zo heet dat) stort, dan staat dat in principe ‘vast’ totdat je met pensioen gaat. Alleen in uitzonderings-gevallen mag je eraan komen. Zo mag je je lijfrente opeten als je arbeidsongeschikt raakt. Maar dan heb je geen pensioen meer, dus dat schiet ook niet op.
– Spaargeld is belast in Box 3; lijfrente niet
Als je ‘gewoon’ geld spaart, op een gewone, vrij toegankelijke, spaarrekening, dan is dat belast in Box 3. Op het moment dat je meer dan +/- € 60.000 aan vermogen hebt (bij partners € 120.000) dan is het meerdere belast. Op dit moment betaal je in Box 3 belasting over een fictief rendement. Dit fictieve rendement is de laatste jaren flink verhoogd! In 2028 is de kans groot dat je nog meer belasting gaat betalen in Box 3.
Opgebouwde lijfrente valt in Box 1 en telt niet mee in de berekening van je box 3-vermogen.
– De inleg van lijfrente is fiscaal aftrekbaar
Behalve dat het bedrag dat je hebt opgebouwd níet belast is in Box 3, is de inleg ook nog eens aftrekbaar van je belastbare inkomen (als je voldoende jaar- of reserveringsruimte hebt). Dat betekent dat je minder belasting betaalt.
– De uitkering van lijfrente is belast
Op het moment dat je met pensioen gaat, koop je met het opgebouwde kapitaal een maandelijkse uitkering; je ‘pensioen’. Die maandelijkse uitkering is vervolgens belast. Maar vanaf pensioengerechtigde leeftijd is dat in de basis tegen een lager tarief dan waarvoor je het nu aftrekt.
In mijn volgend artikel (volgende week) kijken we naar de verschillende manieren voor ondernemers om pensioen op te bouwen.
P.S. Wil je alle informatie overzichtelijk bij elkaar? Ik heb alle artikelen voor je gebundeld in één handig e-book: Pensioen voor ondernemers.

